Advocate en vastgelopen dossiers (5 ): Lessen in Leiderschap

Tijd om onze advocate ten aanzien van haar werksituatie te testen op haar vorderingen. We gaan haar ‘Food for Thought’ geven om te testen of zij de antwoorden op kan laten komen vanuit haar essentie. Of wordt zij toch meegesleept door haar mind. Zo ja, waar en wanneer dan. We gaan haar overvoeren met vragen die mogelijk haar mind aanjagen. We gaan kijken of ze die de baas is.

We stellen haar dus de volgende vragen en wat we willen zien, is dat zij de antwoorden ‘weet’. Een goed getraind brein geeft de intuïtie, het weten van de persoon door. Gaan we dat zien in het scherm? Of gaan we zien dat haar brein het overneemt en over de vragen vanuit de beta golven, gaat zitten nadenken? We gaan haar brein beïnvloeden door het over de leiderschapskwaliteiten van haar leidinggevende te hebben.

Leiderschapskwaliteiten
Als advocaat in een groot kantoor werk je in een hiërarchie. Je staat vanuit het organigram ‘onder’ iemand. Die persoon heeft een enorme impact op je functioneren. Meestal wordt die dynamiek niet bewust onderzocht en niet bekeken op effectiviteit, communicatie, motivatie en verantwoordelijkheid.

We sturen haar voor de sessie deze video op. Klik hier.

De vraag die we gebruiken om te zien of haar oefeningen effect hebben gehad is: welke rol speelt je leidinggevende bij je probleem: je vastgelopen dossiers? Voor de anonimiteit hanteren we hier ‘hij’ als leidinggevende. Het kan in werkelijkheid ook een ‘zij’ zijn.

Onze advocate zit tijdens de sessie met gesloten ogen aan het EEG, geeft geen antwoord maar laat de vragen rustig op zich afkomen terwijl wij kijken wat haar brein doet met deze input.

Hij kent het team door en door
Kent hij de mensen uit je team met wie je het resultaat moet behalen? Besteed hij aandacht aan de problemen waarmee je zit? Weet hij waar je zit, wat er in je omgaat, wat je nodig hebt?

Continue communicatie
Als je leidinggevende de oplossing voor een issue ziet, communiceert hij dat continu aan jou? Legt hij uit? Leert hij je nieuwe dingen? Deelt hij zijn kennis op een manier die bij jou past? Weet hij wat je denkt en wat je doet? Waarom je het doet? Is hij bereikbaar op momenten dat hij nodig is? Zijn de communicatieverbindingen optimaal?

Geef het goede voorbeeld
Leeft je leidinggevende voor wat hij van jou verwacht? Wat verwacht je precies te zien, horen, voelen van je leidinggevende om het resultaat te kunnen behalen dat je wilt behalen? Is hij op tijd? Komt hij zijn afspraken na? Is hij er wanneer hij er moet zijn? Is hij beter in zijn vak, zijn performance en leiderschap dan jij?

Verantwoordelijkheid
Welk gedrag vertoont je leidinggevende? Werkt hij hard? Doet hij het juiste? Wordt het goede bedrag beloond en minder goed gedrag op een goede manier ter sprake gebracht? Toont je leidinggevende zelfperceptie? Houdt hij zichzelf en anderen verantwoordelijk? Doet hij dat op een gezonde manier die motiveert het beste uit jezelf te halen?

Ruimte om te bewegen
Voel je je veilig bij je leidinggevende? Verkramp je als hij aanwezig is of over je schouder meekijkt? Ben je bang voor zijn beoordeling? Motiveert hij je als je een fout hebt gemaakt? Los je het op in de wetenschap dat je leidinggevende frontaal achter je staat en in je gelooft? Meld je het hem en leer je ervan? Of verzwijg je en loopt vast? Krijg je de ruimte die je nodig hebt om eigen stappen te zetten? Durf je risico’s te nemen omdat je je veilig weet? Of voel je je onder druk staan?

De eigenaar zijn van het probleem
Erkent je leidinggevende dat hij eindverantwoordelijk is? Springt hij in als het nodig is?

Leer van fouten en ga door
Leert je leidinggevende van fouten en gaat hij door? Wordt hij emotioneel en valt hij aan? Wordt hij emotioneel en verdwijnt hij van het toneel? Schuift hij de problemen op jou af? Laat hij je vallen? Bouwt hij dossier tegen je op? Zet hij je onderdruk? Bedreigt hij je? Scheldt hij je uit en zorgt hij dat je je vertrouwen verliest? Negeert hij je?

Dienend leiderschap
Zorgt je leidinggevende dat je succesvol kunt zijn? Spant hij zich daartoe in? Wat doet hij? Maak het concreet. Geeft hij je de resources zodat je je taak kunt uitvoeren? Erkent hij je dat jij de juiste persoon bent om de taak uit te voeren? Toont hij respect voor je? Verdient hij jouw respect? In elk moment? Heeft hij jou hoog staan? Hoe uit hij dat?

Feedback
De test is of ze met een open, flowend brein met een knip van de vingers totaal zicht krijgt, een weten, een felt sense, over de leidinggevende capaciteiten van haar leidinggevende in relatie tot de vastgelopen dossiers.

Het gaat om bewustzijn, om weten vanuit je essentie.

Ze opent haar ogen.
‘Hoe voel je je?’
‘Heel ontspannen. Dit was echt bijzonder. Jullie stelden zoveel vragen dat ik er niet over na kon denken want dan was de volgende vraag alweer gesteld. Ik kon dus alleen maar zitten, ontspannen en kijken wat er in me opkomt. Wat er gebeurde was dat het net leek of ik van een afstand naar mezelf keek. Of eigenlijk naar binnen keek. Ik kon zien wanneer er innerlijk een reactie was en wanneer niet. Als vragen me niets zeiden bleef het stil en rustig in me. Ik zag mijn leidinggevende anders dan normaal. Ik heb vaak irritatie naar hem en keer me dan van hem af. Daar snijd ik mezelf mee in de vingers want soms heb ik gewoon gegevens nodig en die krijg ik dan niet. Nu keek ik als het ware door hem heen. Ik zag ook ineens dat hij heel moe is. Echt heel apart. Ik werd er rustig van dat te zien. Jeetje…’

Het is een tijdje stil.

‘Wat ik nu zie is dat ik eigenlijk vreemd met die vastgelopen dossiers omga. Het is niet handig hoe ik doe. Ik heb eigenlijk geen problemen met die dossiers maar met mijn leidinggevende. Ik wil het goed doen maar heb moeite met zijn afwezigheid. Hij kan over mijn schouder mee staan te kijken naar mijn werk en dan verkramp ik want hij is er niet echt. Hij staat er wel maar ik heb niet het idee dat hij me hoort. Hij is echt heel afwezig. Ik stel een vraag en dan krijg ik een antwoord waarmee ik niks kan. Ik word dan van binnen klein. En hij is al weg nog voor ik met mijn ogen heb kunnen knipperen. Dan zakt iets in mij in. Ik krijg een hopeloos gevoel, voel me leeg en ineens heel moe. Ik staar dan naar het scherm of het dossier en kom niet verder. Dan leg ik uiteindelijk het dossier weg. Ga ik koffie halen, serieus. Weg van het bureau. En als ik dan dat dossier weer zie krijg ik datzelfde leeggelopen gevoel. Hoe meer ik dat dossier ontwijk hoe erger dat wordt. Ik krijg een hekel aan dat dossier.’

Ze zit daar stil te zijn, haar aandacht is mooi naar binnen gekeerd. ‘Ik moet hem eigenlijk aanspreken op zijn afwezigheid… Dat doe ik niet. Ik was me er niet van bewust dat ik dat als probleem ervaar. Ik weet niet hoe ik dat moet zeggen. Hoe zeg je zoiets?’

We vragen haar weer haar ogen te sluiten en terug te keren naar diepe ontspanning binnenin. We zetten het EEG weer aan. Haar brein flowt rustig.

‘Haal nu dat moment eens op. Jij zit, hij staat en je voelt die verkramping, die leegte’.

Na een tijdje knikt ze. Ze zit daar weer. In het scherm zien we hoe haar alfagolven afzwakken. Daardoor kan ze niet meer in haar essentie zijn en daardoor is de toegang tot authentieke antwoorden of reacties geblokkeerd.

We vertellen haar dat. ‘Laat het beeld van jou en je baas nu los. Geef je brein eens opdracht meer alfa te produceren’.

Ze doet wat ze geoefend heeft. We zien de alfagolven toenemen. ‘Dat voelt beter’, zegt ze. ‘Ok, haal nu dat beeld weer op’. Na een paar keer dit te doen, ze verliest steeds haar alfa, blijven de alfagolven stabiel. We laten haar daar een paar minuutjes inzitten. ‘Kijk nu eens wat er opkomt als je hem daar zo afwezig ziet staan. Wat zou je kunnen doen?’

En dan komt het antwoord moeiteloos op. ‘Het zit hem in het feit dat hij zo naast me staat. Ik krijg geen contact met hem. Ik wil oogcontact maar dan moet ik omhoog kijken en dat voelt heel raar. Heel klein’.

We vragen haar de situatie zo te maken dat ze in haar kracht haar vraag stelt. ‘Dan zit hij. Oh, ik zie het al. Als ik een vraag heb moet ik naar hem toegaan. Naar zijn kantoor en tegenover hem gaan zitten. Dan kan ik zijn aandacht pakken. Dat voelt veel beter. Dat voelt goed.’

Ze gaat blij en verwonderd de sessie uit. Na een paar dagen hebben we telefonisch contact. Ze vertelt dat ze het heeft aangepakt zoals ze het voor zich heeft gezien. Het ging goed. Ze hebben goed samengewerkt en ze heeft weer plezier in het dossier. ‘Ik verkrampte even toen ik het dossier oppakte om ermee naar zijn kantoor te gaan maar heb alfa erop gezet. Toen voelde ik me sterk. Wat een effect heeft dat, zeg! Echt ongelofelijk! Ik kan niet wachten tot de volgende sessie want ik heb nog een paar dingen’.

Haar vertrouwen in zichzelf groeit. Haar brein gaat in lijn liggen met haar essentie en gaat haar acties ondersteunen in plaats van tegen te werken door de amygdala aan te klikken.

Jezelf moed inspreken in dit soort situaties heeft dus vaak geen zin. Je activeert daarmee beta golven die het denken faciliteren. Daardoor neemt de stress vaak toe of je onderdrukt tijdelijk het issue. Het denken lost geen stress op.

Wij houden van ons werk. Wat een power maakt dat vrij.

 

 

 

 

 

By | 2018-07-14T10:07:10+00:00 juli 14th, 2018|Advocatuur|0 Comments